HHT type 4: wat doet het SMAD4-eiwit?

De meeste mensen met HHT hebben type 1 of type 2. Bij HHT type 1 zit de fout in het ENG-gen (Endoglin) en bij type 2 in het ACVRL1-gen (ALK1). Een kleinere groep patiënten heeft een verandering in het SMAD4-gen. Dit veroorzaakt een bijzondere vorm van HHT die vaak samengaat met juveniele polyposis, een aandoening waarbij poliepen in het maag-darmkanaal kunnen ontstaan.

Net als bij andere vormen van HHT speelt bij type 4 de communicatie tussen cellen in de bloedvatwand een belangrijke rol. Bloedvaten zijn aan de binnenkant bekleed met endotheelcellen. Deze cellen ontvangen voortdurend signalen uit hun omgeving om de bloedvaten gezond en stabiel te houden.

Bij HHT type 1 en 2 zijn eiwitten aan het oppervlak van deze endotheelcellen, Endoglin en ALK1, minder goed werkzaam. Deze eiwitten vangen signalen op en geven die door naar de binnenkant van de cel.

Daar speelt SMAD4 een belangrijke rol. Dit eiwit werkt als een soort boodschapper die ontvangen signalen verder helpt doorgeven naar de celkern. In de kern wordt vervolgens bepaald welke genen aan- of uitgezet moeten worden. Zo kan de cel de juiste eiwitten maken om de bloedvatwand gezond en stabiel te houden.

Bij HHT type 4 werkt SMAD4 niet goed. Hierdoor komen bepaalde signalen niet goed aan in de celkern en worden sommige genen onvoldoende geactiveerd. Als gevolg kunnen endotheelcellen zich anders gaan gedragen en kunnen bloedvaten minder stabiel worden.

Wat betekent dit voor patiënten?

Mensen met een SMAD4-afwijking kunnen kenmerken hebben die lijken op andere vormen van HHT, zoals:

  • neusbloedingen;
  • kleine vaatverwijdingen (teleangiëctasieën) op huid en slijmvliezen;
  • vaatmalformaties in organen zoals longen, lever of hersenen.

Daarnaast hebben zij een verhoogde kans op kenmerken van juveniele polyposis, waaronder:

  • poliepen in maag of darmen;
  • bloedverlies uit het maag-darmkanaal;
  • bloedarmoede;
  • buikklachten zoals pijn of diarree.

Omdat SMAD4-gerelateerde HHT zowel de bloedvaten als het maag-darmkanaal kan beïnvloeden, is vaak extra aandacht nodig voor controle van poliepen en darmgezondheid naast de gebruikelijke HHT-zorg.